1968-1972

(inleiding) (lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

Vóór 1970 werd in Ronse op verschillende plaatsen judo beoefend. Ook bij de scouts werd aan judo gedaan. Zij gebruikten de naam “Jika-Scouts”. Dit was in de periode 1968 – 1969 – 1970. De zoveelste ruimte die ze konden gebruiken was een klein zaaltje van het St.-Antoniuscollege. Op een tatami van samengevouwen kartonnen dozen, bedekt met een plasticzeil, kregen ze les van meester Charles Dorchy. Aangezien er toen vele scouts hun judoaanleg toonden, werd, onder impuls van meerdere ouders en van Charles Dorchy, een betere accommodatie en de idee van een gestructureerde sportvereniging nagestreefd.

Tijdens de jaren 1970 en 1971 werd een nieuwe dojo klaargestoomd in de bovenverdieping van dezelfde gebouwen. Op 19 december 1971 was het dan zover: “Judo Club Samoerai Scout” werd geboren tijdens een stichtingsvergadering in de bar van het St.-Antoniuscollege. Deze dojo bleef gedurende 36 jaar de thuis van de Samoerai familie.

Gilbert Himpe, initiatiefnemer, droeg een bestuur voor, dat werd benoemd. Het bestond uit voorzitter meester Bernard Vandendaele, ondervoorzitters René Vanderdonckt en Noël Vergucht, penningmeester Oscar Procus, secretaris Paul Penson. Initiatiefnemer Gilbert Himpe, zorgde voor de praktische uitbouw en de organisatie van de club. In 1973 werd hij zelf officieel voorzitter, en bleef dit tot hij terugtrad eind 1990, na in 20 jaar Samoerai aan de top van de Belgische Judosport te hebben gebracht.

Waar aanvankelijk alleen in termen van ontspanning werd gedacht, ontwaakte algauw de competitiegeest.

Een sportieve hoogconjunctuur ontwikkelde zich, met de broers Patrick, Geert, Stephan en Hans Himpe; Wim, Geert en Peter Versyck; Johan, Eric en Luc Weymeels; Patrick, Stefaan en André Bockstal; Jean-Marie en Michaël Spileers. Geflankeerd door Luc Vancauwenberghe, Dominique Van Germeersch en vele andere getalenteerde Ronsese jongeren, ook buiten de Scoutsbeweging.

De sportieve resultaten lieten niet op zich wachten! Eerst Provinciaal, maar snel ook op Nationaal niveau, zowel individueel als in ploegverband.

De eerste provinciale en nationale kampioenen werden al tijdens in 1972 een feit met de gebroeders Himpe én Versyck.

 

1973-1974

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

Het jaar daarop, in 1973, won Samoerai het nationaal jongerenkampioenschap per ploeg met Hans, Stephan en Geert Himpe, Luc Van Cauwenberghe, Didier Delplancques en Geert en Wim Versyck als basisploeg. Dit was het eerste grote ploegensucces voor Samoerai. De aanzet naar steeds hoger.

In 1974 werden de Belgische Kampioenschappen per ploeg opgericht door de BJB met een 1e, 2e en 3e afdeling, en dit op Nationaal niveau. Iedere Judoclub kon zijn keuze maken, en het Samoerai-bestuur koos voor 2e Nationale, rekening houdend met de jeugdige leeftijd van de competitie judoka’s. Maar dat was onderschatting, want de ploeg, met dezelfde jonge competiteurs, werd bij de Seniors Nationaal Kampioen met Kadetten, Juniors en Beloften.

 

1975-1976

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

In 1975 débuteerde Samoerai dus in 1e Nationale, met Juniors en Beloften als basisploeg. En, met deze jonge kampioenen uit eigen kweekvijver, werd jaar na jaar een podiumplaats behaald op het hoogste niveau. Dit tegen geréputeerde, meestal Waalse ploegen. Wie herinnert zich nog de kleppers als R. Vandewalle, Splaingaire en de broers Nicolas van Ippon Namur, de Guldemonts en hun Judo-Club Montignies, de Degreefs van Crossing Schaarbeek. Maar ook gevreesde en sterke Vlaamse Clubs zoals Judo Club Zele, Jigo Antwerpen, Judo Club Hooglede, en Judo Club Tielt als toppers.

In 1976 werd Stephan Himpe - ondertussen meerdere malen nationaal kampioen en lid van de Nationale Ploeg en van de Olympische préselectie - afgevaardigd naar het Olympisch Jeugdkamp in Montréal en het WK in Brazilië. Dit gaf de Samoerai judokas een grote stimulans naar nog beter en een hoger doel.

Ondertussen werd door Samoerai Ronse, in samenwerking met de BJB en de provinciale instanties, een Internationaal Drielandentornooi per Ploeg ingericht in Ronse. Ook hier waren de geselecteerde Samoerai judokas in de Nationale Ploeg succesvol tegen Schotland en Duitsland.

 

1977-1980

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

 

1981-1984

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

In 1981, kwam Samoerai, 10 jaar na zijn stichting, als Kampioen uit de strijd in de hoogste Nationale Afdeling. Als beloning was er de eerste deelname aan de Europa Cup voor Landskampioenen. In de olympische sporthal van Munchen werd leergeld betaald tegen de latere Europese Kampioenen uit Duitsland. Maar de Samoerai kapitein, Stephan Himpe, versloeg er met ippon de regerende Duitse Kampioen. Er waren 2 volle bussen Samoerai supporters meegereisd!

Bernard Tambour, die al lang bij Samoerai kwam trainen, werd - door toedoen van Stephan Himpe, zijn teamgenoot in de Nationale ploeg - ingelijfd bij Samoerai. Dit gebeurde op zijn verzoek, én dit van de BJB, gezien beide judokas als veelvoudige nationale Kampioenen, werden opgenomen in de Olympische Sélectie, met uitzending voor de “Jigoro Kano Clup” in Tokio. Meerdere Samoerai judokas werden gesélecteerd voor Europese Kampioenschappen, zoals Bernard Tambour, Stephan en Hans Himpe, Eric Weymeels, en Stefaan Bockstal.

Samoerai judoka’s waren eveneens succesvol op het Interlandentornooi van Parijs in het Stade Coupeerden. Bernard Tambour versloeg er zijn Franse opponent met ippon, en Stephan Himpe klopte Dieselbus, de Olympisch bronzen medaille van Moskou. Dit alles was opnieuw een flinke opsteker voor de ploeg en voor de Club, en opende de deur naar de Internationale successen, en de groei tot boven de 300 actieve leden bij Samoerai. De club kreeg de benaming: 'Judoschool Samoerai Ronse'

Onder impuls van Samoerai, in samenwerking met het BOIC Oost-Vlaanderen - waarvan de Samoerai voorzitter bestuurslid was - én met de Nationale en Provinciale Bonden, werd drie maal het 'Internationaal Open Belgisch Judo Kampioenschap' ingericht in het Kuipke in Gent. Ook hier werden successen geboekt, met meerdere Samoerai deelnemers én ieder jaar gemedailleerden met goud en brons voor Bernard Tambour en Stephan Himpe.

Ook in samenwerking met het BOIC Oost-Vlaanderen, werden in het Kuipke vier Superstar competities ingericht, met als laureaten Hans en Stephan Himpe, Marnic Cnudde en Patrick Bockstal, dit tegen de beste sporters uit verschillende disciplines, waaronder Jacques Rogge, nu Voorzitter van het I.O.C.

Ondertussen haalde Samoerai, na de hoogste titel in 1981, opnieuw de Kampioenstitel per ploeg binnen in 1987, 1989 en 1990. Met als gevolg: deelname aan de Europa Cup in Rome, Athene, opnieuw Rome, Berlijn, Orleans, Parijs, Wenen, en Monaco.

Tussendoor behaalde Hans Himpe de gouden medaille op de Olympische Spelen voor medische beroepen in Judo en in de Pentatlon in Monte-Carlo. En in het Nederlandse Heerlen veroverden Hans Himpe bij de beloften, en Stephan Himpe bij de Seniors, de gouden medaille in het Open Internationaal Nederlands Kampioenschap.

De nationale titels en successen volgden zich op in alle categorieën, zowel in het buitenland als in het binnenland, individueel en per ploeg. Dit alles verhoogde aanzienlijk het prestige van Samoerai, en Internationale uitnodigingen en selecties waren het logische gevolg.

Nieuwe generaties uit eigen kweekvijver verzekerden de toekomst. Met name de broederparen Christophe en Olivier Vanderkerken; Rik en Jan Foulon; Vincent, Stan en Ignace Hart; Marnic Cnudde; Wouter Noterman, Frits Meyhui, Rudy Fruytier, Luc Cambier, Kris Daels, Dany Deveseleer, Daan De Cooman, de piepjonge Harry Van Barneveld, en nog vele anderen. Daardoor bleef Samoerai steeds aan de Nationale en Internationale top, individueel en per ploeg.

 

1985-1988

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

 

1989-1990

(lees de bijdrage van erevoorzitter Gilbert Himpe)

Eind 1990 namen Gilbert Himpe als voorzitter, en Stephan Himpe als technisch directeur, afscheid van Samoerai Ronse, om het roer over te laten aan de trappelende volgende generaties.

De jaren '90 stonden onder de sportieve leiding van hoofdtrainer Werner De Baets. Samoerai slaagde erin zich aan te passen aan de nieuwe trend in de sportwereld volgend op het arrest Bosmans: de internationalisering. Een internationaal gezelschap aangevuld met Belgische toppers zoals Harry Van Barneveld, Daan De Cooman, Ignace Hart, Sami Loussif, Jimmy De Winter en Tim Pedus werden in 1998 Vlaams kampioen. Ondertussen slaagden Harry Van Barneveld en Daan De Cooman erin Europese kampioen te worden. Harry kon aan drie Olympische spelen deelnemen met als absoluut hoogtepunt de Bronzen medaille op de Olympische Spelen te Atlanta in 1996.

Half de jaren '90 trad Gilles Vanderkerken aan als voorzitter. Hij maakte ongeveer 25 jaar deel uit van het bestuur. Hij bracht professionele structuren aan in de club en streefde steeds naar een eerste plaats en deelname aan de Europacup voor landskampioenenploegen.

 

2000

In het jaar 2000 zorgde het Samoerai-bestuur ervoor dat ze niet enkel met de heren konden uitblinken. De club startte ook met een damesploeg. De damesploeg begon aan de staart, in vierde afdeling, maar werd twee jaar later al kampioen in tweede afdeling.

In 2006 vierde de club haar 35 verjaardag, een hoogtepunt. Verder werd, voor het eerst sinds de kartonnen dozen, de vertrouwde dojo omgeruild voor een professionele omkadering in de gloednieuwe sporthal van de stad, 't Rosco. Samoerai werd opnieuw Vlaams Kampioen en eindigden tweede op het Belgisch podium in hoogste afdeling. Gilles Vanderkerken nam na bijna 25 jaar afscheid als bestuurslid. Voor het eerst werd een erevoorzitter gekroond, een bijzonder man, niemand minder dan Gilbert Himpe, de grondlegger van Samoerai Ronse.

Met de huidige voorzitter, Bart Devos, breekt opnieuw een ander tijdperk aan. Bart Devos wil de professionalisering bewaren, maar meer nadruk leggen op eigen kweek. Daarvoor startte hij in 2008 met een tweede herenploeg op nationaal niveau. Hiermee wil hij de jongste Samoerai mannen de optimale ontplooiingskansen geven en de allomgekende en vermaarde Samoerai spirit behouden.

In 2009 volgde een nieuwe verhuis. De tweede in min of meer evenveel jaar. Toen Samoerai zijn gezellige oude dojo (Gefussileerdenlaan) verliet om naar het kloppend sporthart ('t Rosco) van Ronse te verhuizen, had de club niet verwacht er maar zo kort te vertoeven. Samoerai miste de gezelligheid (en de inkomsten) van zijn bar. De contacten met de ouders en judoka's waren niet meer zo warm en intens. De club moest vaststellen dat de nieuwe sportzaal niet voor hen was weggelegd. Sinds januari 2008 werd er elk weekend met man en macht gewerkt aan een nieuwe sportzaal, in de centrumschool GVB Glorieux (St.-Pieternieuwstraat 6). Wat ooit de lasserij van de technische school was, is nu omgetoverd in een prachtige, fonkelnieuwe sportzaal met aangrenzende, supergezellige bar. De warme familiale sfeer is er terug!

 

...

Samoerai Ronse is ongetwijfeld de enige Belgische Club die al 30 jaar constant aan de Belgische top staat. Opmerkelijk hierbij is dat ze erin slaagden met drie verschillende generaties judoka's te pieken en de hoogste nationale onderscheiding te behalen. Alle leden van het Samoeraibestuur hebben er steeds alles aan gedaan om deze reputatie hoog te houden, en met succes. Naast hen hebben ook de leraars een belangrijk aandeel in deze sportieve successtory van Samoerai Ronse v.z.w.

Wat Charles Dorchy is gestart, werd verder gezet door gereputeerde trainers als Roland Cambier, Marcel Degroote, Stephan Himpe, Bernard Tamboer, Marcel Lejeune, Werner De Baets en Danny Deveseleer.

Judoschool Samoerai Ronse werd terecht een begrip in België, met professioneel gediplomeerde leraars, een staf van geschoolde assistenten en met eigen les- en examenprogramma's. Een sportieve vereniging met een zeer wijd draagvlak. Proficiat en met grote dank aan allen die hiertoe bijdroegen.